Waarom werden er hooiruiters gemaakt?
Een hooiruiter is een pyramide vormige stellage voor het drogen van hooi en andere gewassen. Zo'n stellage werd gemaakt door 3 of 4 staken - ruiterstokken - tegen elkaar te zetten en vast te binden. Voor de stokken werd vaak rond- of geriefhout gebruikt.
Na het maaien werd het gras enkele dagen gedroogd en in rijen geharkt. Vervolgens werd het hooi met de vork om en rond de ruiterstokken van de hooiruiter gestapeld. De bedoeling is het gewas los van de grond, luchtig te stapelen. Dan is de ventilatie optimaal, ook al droogt het langzaam.
Goede afwerking van zo'n hooiruiter was heel belangrijk. De opper - de bovenste laag hooi - wordt zo gevormd dat regenwater van de buitenkant afloopt, waardoor de kern droog blijft en het hooi veilig kan 'besterven'.
Hoewel het opzetten van ruiters erg arbeidsintensief was (ca. 5,1 manuur per hectare bij handmatig werk), bood het vroeger een cruciale risicospreiding bij de hooiwinning.
Meestal werd het draad om de ruiterstokken aan elkaar te knopen met de hand geprepareerd.
X

Geen opmerkingen:
Een reactie posten